Tijdens mijn tuindorp-queeste in Nederland kwam ik prachtige exemplaren tegen met arbeidershuisjes in verfijnde, expressieve baksteenarchitectuur, met bijzondere poortgebouwen en sprookjesachtige winkelwoningen. Soms waren de tuindorpen qua architectuur niet heel bijzonder, maar de ligging of het verhaal erachter maakten veel goed. Tuindorp Tolkamer scoort goed op ligging en verhaal.
Het wijkje ligt aan de Rijn tussen scheepswerf De Hoop en een vluchthaven, aan het einde van de wereld. Ook het verhaal is goed: de eerste bewoners waren scheepsbouwers uit Danzig, de stad die na de Eerste Wereldoorlog in een identiteitscrisis verkeerde en overging van Pruisische in Poolse handen, en als Freie Stadt Danzig onder toezicht stond van de Volkenbond. De scheepsbouw stortte er in, in Tolkamer vonden de ervaren maar werkloze scheepsbouwers emplooi bij De Hoop. Ze kregen met hun gezinnen direct een woning in het net gebouwde tuindorp.
Het is echt een prachtig gebied, daar waar Nederland ophoudt en de Rijn het land binnenkomt. Naast het tuindorp is een heerlijke B&B, het Schipperskerkje, waar vroeger schippers die met hun boot in de vluchthaven lagen te kerke gingen. Het was een gereformeerd kerkje in de verder overwegend katholieke Liemers. Je kunt in de buurt mooi fietsen over dijken met uitzicht op de Rijn en op weelderige uiterwaarden.




De komende weken publiceer ik artikelen uit de Tuindorpenatlas op Oostblog.info. Zo kom je alvast in de stemming voor de lancering begin juni. De atlas is vanaf 29 mei 2026 te koop.

Woningen voor scheepsbouwers uit Danzig
Tussen de vluchthaven en de scheepswerf in Tolkamer ligt een tuindorp dat zijn bestaan te danken heeft aan de scheepsbouw. De door N.V. Lobitsche Scheepsbouw Maatschappij, vh. Gebr. Bodewes gehouden aanbesteding voor de bouw van 46 arbeiderswoningen werd in augustus 1919 gegund aan de laagste bieder: Konings & Theunissen uit Nijmegen.
De Nijmeegse architect Willem Hoffmann ontwierp de uiterlijk traditionalistische maar voor die tijd moderne woningen, voorzien van waterleiding, elektriciteit en riolering. Het ontwerp was geïnspireerd op de tuinstedenarchitectuur van de Delftse school van bouwmeester Marinus Jan Granpré Molière. De wijk was ruim opgezet en omzoomd met coniferen en acacia’s. De straten kregen de namen van de zeeschepen die bij de naastgelegen werf van de helling rolden: Tengbergen, Berenice, Astrea en Rhea.
Het aantal werknemers op de werf groeide vanaf begin 1919 van 100 naar 800 in augustus 1920. Omdat het moeilijk was om ervaren scheepsbouwers te vinden, werden werkloze havenwerkers uit Danzig aangesteld. De Danzigers werden met hun vaak grote gezinnen gehuisvest in het nieuwe tuindorp.

Begin januari 1920 liep het nog maar gedeeltelijk voltooide en bewoonde tuindorp geheel onder water. Een ramp voor de aannemer en voor de eerste bewoners, maar men bouwde moedig voort. In juli 1920 waren er al 118 ‘keurige, gezonde en wel ingerichte huisjes’ gereed.
In 1922 ging het door de economische malaise niet goed met de werf en het tuindorp. Veel arbeiders werden ontslagen en in het tuindorp kwamen huizen leeg te staan. In de rubriek ‘Onder de menschen’ van de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 1922 doet de schrijver Lobith aan en ziet daar ‘een indrukwekkend geoutilleerde scheepswerf, met een heel tuindorp van vriendelijk gebouwde knappe arbeiderswoningen. … Maar de aardige rode huisjes met de tuintjes ervoor waren grotendeels alweer verlaten en verwaarloosd; enkele deuren, naar ik vernam, voor den winter opgestookt, en het werkrumoer scheen er wel helemaal verstomd door de overal als een epidemie voortwarende malaise.’
In datzelfde jaar bracht ook ‘Krabbels uit Zevenaar’ van de Arnhemse Courant een bezoek aan Lobith en zag de weerslag van de ‘internationale fnuiking in de industrie’. Van degenen die bleven is het zo dat ze niet ‘zoo vreeselijk nooddruftig’ waren, omdat ze meestal zelf groenten en fruit verbouwen en vaak ook een varken, geit of melkkoe hielden’.

De stagnatie in de scheepsbouw leidde in 1925 tot het faillissement van de werf. De laatste Danziger scheepsbouwers vertrokken naar hun vaderland, zo’n 75 woningen stonden leeg. In 1927 werd de werf in Tolkamer overgenomen door Scheepswerf De Hoop in Pannerden, opgericht door een andere broer Bodewes. Ondanks de crisistijd hield de gefuseerde werf stand.
In 1936 kreeg het tuindorp een gereformeerde kerk, niet voor de overwegend katholieke bewoners maar voor de schippers die in de haven van Lobith aanmeerden. Het kerkje raakte tijdens de Tweede Wereldoorlog zwaar beschadigd en werd in 1948 herbouwd. Tegenwoordig huist hier B&B het Schipperskerkje. Ook verschillende huizen van het tuindorp raakten tijdens de oorlog beschadigd en van de werf bleef vrijwel niets over.
Na de oorlog werden het dorp en de werf weer opgebouwd. De Hoop bleef met ups en downs in bedrijf tot het faillissement in 2021. De werf ziet er anno 2025 uit alsof ieder moment het werk weer kan worden hervat. Een witte tent onttrekt de bouw van een 60 meter lang superjacht aan het oog. Zo is er na 134 jaar nog steeds activiteit op de werf naast het tuindorp.

Tuindorp Tolkamer
➜ Architect: Willem Hoffman
➜ Bouw: 1919-1920
➜ Opdrachtgever: N.V. Lobitsche Scheepsbouw Maatschappij
➜ Omvang: ongeveer 80 woningen
➜ Begrenzing: tussen vluchthaven, Bijlandseweg, scheepswerf en Rijn
➜ Status: gebied met bijzondere waarde, gemeentelijk beschermd dorpsgezicht
